Verantwoord fokken
Verantwoord fokken: ouderdieren, inteelt en het welzijn van moeder en pups
Verantwoord fokken begint lang voor de geboorte, bij de keuze van de ouderdieren. In Vlaanderen legt het Fokkerijbesluit van 31 mei 2024 vast wat er nodig is om pups met een stamboom te verkopen. Dit dossier zet op een rij wat daarbij hoort, met de woorden van Dierenwelzijn Vlaanderen (DWV).
Het doel van het Fokkerijbesluit
Het Fokkerijbesluit wil de fokkerij van gezonde honden bevorderen door bestaande erfelijke aandoeningen terug te dringen en de genetische diversiteit te behouden of te vergroten. Vanaf 1 juli 2025 is de stamboom van een hond die in Vlaanderen geboren is niet alleen een bewijs van herkomst, maar ook een kwaliteitslabel: hij waarborgt dat de hond gefokt is met een verantwoorde combinatie van ouderdieren volgens een goedgekeurd fokprogramma.
De keuze van de ouderdieren
Prestatieonderzoeken
Het goedgekeurde fokprogramma van een ras bepaalt welke prestatieonderzoeken de ouderdieren moeten ondergaan, met de methode, de frequentie en de minimale leeftijd. Per prestatieonderzoek geeft het een fokadvies voor de combinatie: positief, voorwaardelijk positief of fokverbod. Enkele voorbeelden:
- Heupdysplasie: röntgenopname met laxiteitsopname, zie Heupdysplasie (HD): RX en laxiteitsopname.
- Elleboogdysplasie: röntgenopname, zie Elleboogdysplasie (ED): RX.
- Oogaandoeningen: algemeen oogonderzoek, 2 jaar geldig, zie Algemeen oogonderzoek.
- Hartaandoeningen: auscultatie en zo nodig echocardiografie, zie Hartonderzoek.
- Patellaluxatie: palpatie van de knieschijf, zie Patellaluxatie: palpatie knieschijf.
- Aandoeningen met een gekende variant: DNA test, zie DNA test (erfelijke aandoeningen).
Welke prestatieonderzoeken voor een ras verplicht of aanbevolen zijn, zie je op het rasprofiel. Ook wie een pup zonder stamboom verkoopt, krijgt van DWV de sterke aanbeveling om de gezondheidstesten op de ouderdieren uit te voeren.
Het globaal fokadvies
Het fokprogramma geeft ook een globaal fokadvies over de combinatie, gebaseerd op de afzonderlijke fokadviezen en de inteelt. In de meeste fokprogramma's mag een combinatie maar een beperkt aantal voorwaardelijk positieve uitslagen hebben, afhankelijk van het aantal klinische onderzoeken. Oogaandoeningen worden daarbij buiten beschouwing gelaten.
Uiterlijk en rasstandaard
Het Fokkerijbesluit is gericht op de genetische gezondheid van honden; er wordt niet gekeken naar de rasstandaarden van verschillende instanties. Bij de selectie van de kweekdieren moet een erkende kweker wel rekening houden met hun anatomische, fysiologische en gedragskenmerken, zodat hun welzijn en gezondheid en dat van de nakomelingen niet in het gedrang komen. Voor kortsnuitige rassen zoals de Franse Bulldog en de Mops bepalen de fokprogramma's dat honden met ernstige ademhalingsproblemen, te korte stop en nauwe neusgaten (stenotische neusgaten), gediagnosticeerd door de dierenarts, niet worden ingezet voor de fok; zie BOAS.
De dekreu
De fokprogramma's vragen om een reu niet te vaak te laten dekken, om te voorkomen dat ziekteveroorzakende mutaties zich te veel verspreiden binnen het ras. Een buitenlandse dekreu mag gebruikt worden als hij voldoet aan het fokprogramma en er een DNA staal geanalyseerd wordt voor ouderschapscontrole. DWV moedigt dat zelfs aan, omdat het de genetische diversiteit kan vergroten.
Inteelt en verwantschap
Volgens DWV gelden deze regels:
- Een teef mag niet worden gedekt door haar grootvader, haar vader, haar broer, haar halfbroer, haar zoon of haar kleinzoon.
- De inteeltcoëfficiënt (COI) van een nakomeling mag maximum 1% hoger zijn dan de gemiddelde COI van beide ouders, berekend op minimum 3 generaties. Op deze regel zijn geen uitzonderingen.
- Zijn er minder dan 3 generaties van de ouders gekend, dan is de combinatie enkel toegestaan als er geen gemeenschappelijke voorouders zijn langs zowel vaders- als moederskant, en moeten alle individuele fokadviezen voor de verplichte prestatieonderzoeken positief zijn.
Hoe je de inteeltcoëfficiënt berekent en leest, staat in het dossier Stambomen lezen en de inteeltcoëfficiënt begrijpen.
Het welzijn van moederhond en pups
Een erkende kweker moet zich houden aan de welzijnseisen van DWV. Voor de moederhond en de pups gaat het onder meer om deze regels:
- Hoogdrachtige teven en teven met niet-gespeende pups beschikken over geschikt nestmateriaal.
- De honden krijgen voeding die aangepast is aan hun behoeften, en er is altijd drinkbaar water.
- De dieren worden minstens 2 keer per dag gecontroleerd.
- Vanaf 3 weken hebben de pups toegang tot vast voer, maar het volledig spenen gebeurt niet voor de leeftijd van 8 weken.
- Pups beschikken over voorwerpen die ze kunnen manipuleren, en de honden over bijtvoorwerpen.
- Afwijkend gedrag wordt gemeld aan de contractdierenarts.
Voor een pup naar zijn nieuwe thuis gaat
- Een hond mag niet verhandeld worden als hij jonger is dan 8 weken.
- Elke hond moet ten laatste op 8 weken gechipt en geregistreerd zijn in DogID, en een hond die niet gechipt en geregistreerd is, mag niet verkocht of weggegeven worden.
- Een erkende kweker verhandelt pups alleen als ze een primovaccinatie kregen tegen het parvovirus, de hondenziekte, kennelhoest en hepatitis contagiosa canis.
- De verkoper is verantwoordelijk voor de wijziging van de registratie van de hond.
Regels in Vlaanderen
- Wie 3 of meer nesten honden per jaar kweekt, heeft een erkenning (een HK-nummer) van DWV nodig.
- Enkel kwekers met een erkenning mogen pups aanbieden via zoekertjessites en sociale media.
- Erkende kwekers mogen geen rassen kruisen, tenzij de minister bevoegd voor dierenwelzijn een uitzondering toestaat.
- Het couperen van oren en staarten is verboden, en een hond die een verboden ingreep onderging, mag niet verhandeld worden.
Regels kunnen wijzigen. Raadpleeg altijd de actuele informatie van Dierenwelzijn Vlaanderen voor je een nest plant of een pup koopt.
In het kort
- Volg het goedgekeurde fokprogramma van het ras: prestatieonderzoeken, fokadvies en globaal fokadvies.
- Houd de inteelttoename onder 1% en laat een reu niet te vaak dekken.
- Zorg voor moederhond en pups volgens de welzijnseisen van DWV.
- Een pup vertrekt niet voor 8 weken, gechipt en geregistreerd.
Bronnen
- Fokkerijbesluit honden en katten (Dierenwelzijn Vlaanderen)
- Fokkerijbesluit: veelgestelde vragen (Dierenwelzijn Vlaanderen)
- Fokprogramma's honden (Dierenwelzijn Vlaanderen)
- Honden en katten kweken (Dierenwelzijn Vlaanderen)
- Dierenwelzijnseisen voor honden- en kattenkwekers (Dierenwelzijn Vlaanderen)
- Identificatie en registratie van honden (Dierenwelzijn Vlaanderen)
- Verboden ingrepen bij dieren (Dierenwelzijn Vlaanderen)